De 80-20 benadering

Hoewel ze er in de praktijk zelden succes mee boeken, vinden veel mensen een dieet ‘makkelijk’. Dat wil zeggen, een dieet geeft hen een bepaalde structuur. Eet dit, niet dat, in deze exacte hoeveelheden: het haalt het denkwerk uit het gezonde eten. En dat is best prettig… Totdat het niet meer werkt – of prettig is. 

Want uiteindelijk blijkt zo’n structuur weinig bewegingsruimte te bieden. En dan begint een vaak hopeloze strijd om het dieet vol te houden… Het via wilskracht uitstellen van het onvermijdelijke, namelijk het opgeven van je dieet en toegeven aan die M&M’s. En de stroopwafels. En de paprika chips. Totdat je jezelf – misschien na een week, misschien na een paar maanden – weer herpakt hebt, en weer opnieuw begint. Alleen zal je de regels dit keer echt niet overtreden, beloofd!

Het is deze ‘alles of niets’ benadering die typerend – en vaak ook funest – voor onze dieetpogingen is. Of we eten honderd procent van de tijd supergezond, of we gaan helemaal los op alles wat slecht voor ons is. Een benadering waarvan we – uit ervaring – weten dat het niet werkt. Maar die we toch blijven proberen. 

 

Een andere benadering…

Het perfecte eetpatroon bestaat niet. Het is onmogelijk om honderd procent van de tijd gezond te eten. En hoe meer je streeft naar die perfectie, hoe groter de kans op teleurstelling en frustratie zal worden. Maar er is ook nog een andere aanpak. Een die ruimte biedt voor zowel verandering, als een biertje of patatje.

Dit is de ‘80-20’ benadering. Hierbij eet je 80 procent van de tijd gezonde voedingsmiddelen, die aansluiten bij jouw (fysieke) doelstellingen. De 20 procent die overblijft, mag je dan naar eigen, laten we zeggen, ‘minder geschikte’ smaak inrichten.

Dat klinkt waarschijnlijk heel goed, maar vergis je niet: deze 80-20 benadering is niet altijd even makkelijk in de praktijk te brengen. Het vraagt namelijk om denkwerk en afwegingen. Waar een dieet je strikte, maar duidelijke regels oplegt, zal je die 80 en 20 procent zelf vorm moeten geven. De 80-20 benadering is meer dan een richtlijn; het is een manier om je perfectionistische neigingen los te leren laten, zodat je kunt ontdekken wat voor jou het beste werkt.

 

De valkuil van perfectionisme

Perfectionisme is een karaktereigenschap die een enorme stempel op allerlei aspecten van jouw leven kan drukken. Denk dan aan werk, financiën, relaties, en natuurlijk je gezondheid. Ook al heb je van jezelf geen perfectionistische neigingen, je leeft wel in een tijd en maatschappij waarin die perfectie aan je wordt opgedrongen. Werp eens een blik op Facebook of Instagram, en je begrijpt wat ik bedoel.

Nu heeft iedereen de wens om zichzelf ten volle te ontwikkelen en alles uit het leven te halen. Maar het beste uit jezelf proberen te halen, is niet hetzelfde als perfectionisme. Waar ‘het beste uit jezelf halen’ ruimte aan zowel het maken als het leren van fouten biedt, gaat perfectionisme uit van het voldoen aan torenhoge verwachtingen. En zolang we niet aan die verwachtingen hebben voldaan, zijn we niet ‘goed genoeg’ om te kunnen doen wat we willen.

Even een persoonlijke anekdote (altijd leuk). Op mijn 13e kreeg ik, geïnspireerd door films van Steven Seagal, het idee dat ik karate wilde leren. Aangezien ik nogal wat overgewicht en een hekel aan sporten had, deelden mijn ouders mijn enthousiasme. Ik had zelfs al in de Gouden Gids een sportschool opgezocht. Maar, zo vertelde ik mijn ouders: ik wilde eerst een beetje afvallen voordat ik een proefles zou volgen.

Dus, ik zou iedere dag met gewichtjes gaan trainen, totdat ik fit genoeg was om een les karate mee te doen. Maar nog geen week later werd ik zonder waarschuwing in de auto gezet en naar de dojo gereden. Gelukkig maar, want ondanks mijn gebrek aan lichamelijke fitheid vond ik mijn eerste les karate de bom. Hadden mijn ouders mij die dag niet naar de sportschool gebracht, dan was ik er waarschijnlijk nooit mee begonnen.

Ook al is dit in een van mijn persoonlijke voorbeelden, je zal er vast iets in kunnen herkennen. Perfectionisme wordt vaak gezien als streven naar meer of beter, maar het is vooral de controle willen hebben over een uitkomst. Het zorgeloos kunnen volgen van een dieet bijvoorbeeld, of het niet onder doen voor anderen tijdens je proefles karate. Als die controle niet gegarandeerd is – omdat we de komende maand veel etentjes hebben, of omdat we nog niet ‘fit genoeg’ zijn – dan wagen we ons er niet aan.

Maar: die controle is nooit gegarandeerd. Controle is een illusie. Het leven laat zich niet voorspellen; jij denkt misschien de ideale maand voor je dieet uitgezocht te hebben, om een week later uitgenodigd te worden voor een spontane familiebarbecue. Door vast te blijven houden aan de illusie die controle is, maak je jezelf een doelwit voor teleurstelling en frustratie.

Maar wat moet je dan doen? Welnu: vertrouwen. Niets geeft je meer controle, dan vertrouwen. Vertrouwen betekent weten dat er van alles kan gebeuren, en je daar geen zorgen over maken. ‘Life happens’, en het is niets wat je niet aankunt. Dat geeft je de mentale veerkracht om jezelf na een tegenslag of teleurstelling te kunnen herpakken, zodat je verder kunt gaan waar je gebleven was.

En het is dat vertrouwen wat je nodig hebt om de 80-20 aanpak een plaats in je leven te geven.

 

De 80-20 benadering in de praktijk

Het is een mooie richtlijn, maar toch kost het veel mensen moeite om volgens de 80-20 benadering te eten. Zo is het heel makkelijk de mist in te gaan met de ‘verhoudingen’ – zeker als je die ‘op gevoel’ probeert in te vullen. Jij denkt misschien dat je 80 procent van de tijd gezond eet, terwijl je dat in realiteit maar 50 procent van de tijd doet. Het is dus raadzaam om een soort van bij te houden wat je eet: nuttig je (bijvoorbeeld) over de loop van de week 28 maaltijden, dan zullen 23 daarvan gezond moeten zijn.

Vaak zit het probleem hem niet zozeer in de 80, maar vooral in de 20 procent. Waar mensen zich bij het invullen van de 80 procent nog kunnen laten leiden door (voorgeschreven) voedingsadviezen en ‘regels’, zijn ze voor het invullen van die 20 procent op zichzelf aangewezen. Wat te doen met die vrijheid? Gaan we voor de burgers, de bierproeverij of toch de Ben & Jerry’s? En worden we hier echt niet dik van…?

Onder die 20 procent vallen de voedingsmiddelen die geen onderdeel van je ‘normale’, op gezond eten gerichte routine zijn. Zie het maar als afwijkingen van het pad, die zowel spontaan (een biertje op een terras als de zon eindelijk weer eens schijnt) als gepland (een stuk taart op je verjaardag) kunnen zijn.

Het probleem is dat dergelijke afwijkingen van het pad in het gemiddelde dieet onacceptabel zijn. Door het eten van een stuk taart of reep chocola breek je de regels die jou zijn voorgeschreven. En dat kan voor iemand met perfectionistische neigingen olie op het vuur zijn. Zo kan het gebeuren dat een relatief kleine afwijking van je dieet, uitgroeit tot een ‘rot op met je dieet’ schransbui. Niet door dat lullige stuk taart wat we gegeten hebben, maar door onze eigen niet waargemaakte verwachtingen.

De 80-20 benadering gaat juist uit van dat stuk taart, het biertje op het terras en andere ‘afwijkingen van het pad’. Sterker nog: ze zijn een vast onderdeel van jouw dieet. Want door zo nu en dan iets te eten wat misschien niet helemaal in een gezond voedingspatroon past, maar wel lekker is, wordt het hele proces van gezond eten zowel een stuk plezieriger als een stuk beter vol te houden.

Hoe jij die 20 procent in zou moeten vullen, is helemaal aan jou. Misschien kies je ervoor om, wanneer het mooi weer is, een spontaan bezoek aan je favoriete ijssalon te brengen. Maar je zou er ook voor kunnen kiezen om vanavond met je neefje en / of nichtje pannenkoeken te gaan bakken. Zolang het maar iets is waar jij plezier aan beleefd.

In sommige gevallen kan die 20 procent een onbedoelde en ongewilde misstap zijn, in plaats van een bewuste keuze. Denk dan aan het eten van een broodje kroket uit de bedrijfskantine, omdat je vergeten bent je eigen lunch mee te brengen. Zo’n misstap is niets om je zorgen over te maken; zolang je die andere 80 procent van de tijd maar gezonde keuzes maakt.

 

De 80-20 benadering geeft je de vrijheid om te genieten van wat je echt lekker vindt, zonder je daar schuldig over te voelen. Het bied je structuur, maar ook vrijheid om dingen aan te passen. En het helpt je om misstappen in perspectief te plaatsen, zodat je er van kan leren i.p.v. je er door te laten saboteren. 

Het was op momenten misschien ‘confronterend’, maar ik hoop dat je iets met de informatie uit deze blog kunt! Wil jij graag hulp bij het bereiken van je fysieke doelen? Schroom dan niet om contact op te nemen!

 

 

Leave a Comment